“De geest van het gebergte”, schreef Heinrich Heine in zijn reisdagboek “Harzreise”, “meende het blijkbaar goed met mij. ” De beroemde Duitse dichter was onder de indruk van de vloeiende overgang naar gemengde bossen in het westen en het grandioze Bodedal met de “Grand Canyon van Duitsland” in het oosten. Daartussen voeren eindeloze wandelroutes over hoogvenen naar watervallen, bizarre granietformaties en meren. Boven dit alles troont de Brocken, in de volksmond ook wel Blocksberg genoemd – in Goethe's Faust de coulisse van de Walpurgisnacht. Na zes wandeletappes bereikt de wandelaar, achtervolgd door dansende heksen en giechelende duivels, Quedlinburg. De binnenstad is tot UNESCO Wereldcultuurerfgoed verheven vanwege haar meer dan 1200 vakwerkhuizen uit zes eeuwen.
Op 3 Oktober 2003 werd de “Harzer-Hexen-Stieg” (heksenroute) op de top van de Brocken feestelijk ingewijd. Hij verloopt over 150 km tussen Osterode en Thale. De weg is tevens een symbool voor het samengaan van de oude en nieuwe bondslanden, omdat hij de Harz van west naar oost oversteekt en daarmee vroeger gescheiden levende mensen verbindt. Terwijl vóór de hereniging midden in de Harz "de wereld ten einde" was, verbindt nu het overkoepelende Nationale Park Harz dit indrukwekkende middelgebergte. Naast de schoonheid en de wilde, oerbosachtige natuur behoort ook de mijnbouw tot de Harz. In dit gebied kent de mijnbouw een duizendjarige geschiedenis, waartoe ook het "Oberharzer Wasserregal" behoort, een in de 16e –18e eeuw voor de mijnbouw aangelegd waterverzamelsysteem, dat qua grootte en intacte status wereldwijd uniek is. |